Matenesse


 
Adres  Mensingeweer, kadastraal: Leens, Sectie E 1, nr 45
Ontstaan  In 1608 is Willem van Matenesse de eerst bekende eigenaar van de gelijknamige heerd.
Geschiedenis 

De "plaatse" blijkt in 1708 al een belangrijk huis te zijn met veel vertrekken, grachten en singels. Vooral door Anna Lewe - van In- en Kniphuisen wordt er veel aan het huis vertimmerd en in 1756 heet het al een "hoogadellijk huis". In 1792 wordt het huis publiek verkocht door de erven. de nieuwe eigenaar laat het in 1820 op afbraak verkopen. Er wordt een nieuw "buiten"matenesse gebouwd. In 1872 wordt ook dit huis op afbraak verkocht door de erven van mr. H.H. Brongers aan Klaas Harms, die het afbreekt en een boerderij laat bouwen.

Bewoners  In 1646 wordt Gerhardus Swartte, burgemeester van Groningen, de eigenaar. In 1665 vererft het op zijn zoon Hendrik. Diens weduwe, Titia Verrucius, moet "de plaatse" matenes verkopen. . In 1712 wordt Hendrik Ferdinand van In- en Kniphuisen de eigenaar. Zijn oudste dochter Anna bleef er wonen ook na haar huwelijk met Joost Lewe in 1758, die zich sindsdien heer van Matenesse noemt.
Huidige doeleinden  Afgebroken (Nieuwe boerderij 1872)
Toegankelijkheid   
Afbeeldingen H. Uilkens, 1820
Kaarten Kaart 1900